De verkiezingen zijn gehouden. De kruitdampen trekken op. Helder zicht op de mantelzorg-mogelijkheden is er echter nog niet.
Gefeliciteerd als u in een mantelzorgvriendelijke gemeente woont, waar mantelzorgers  bruikbare informatie en op de mantelzorgsituatie  toegesneden ondersteuning kunnen krijgen.

In de meeste gemeentes is onderhand bekend hoe de nieuwe raad is samengesteld. Ook de samenstellingen van B & W zijn vrijwel voltooid.
In de verkiezingsstrijd was de overgang AWBZ - WMO een heet hangijzer. Toezeggingen en beloftes vlogen ons om de oren. Nu is de tijd aangebroken om te gaan zien wat er in werkelijkheid zou kunnen worden waargemaakt van de beloftes en wat de mogelijkheden zijn in de nieuwe WMO.
Met name 'de (langdurige) zorg' stond en staat nog steeds in het middelpunt van de aandacht. En daarbij werd natuurlijk ook de mantelzorg vaak genoemd. Bij een paar steekproeven hoe de (nieuwe) raadsleden nu de mantelzorg in hun te verwachten werkplanning en communicatieplan hebben opgenomen, valt die aandacht echter tegen.
Dat was te verwachten. Ook vóór de verkiezingen was een groot aantal gemeentes nog niet echt met 'mantelzorg'  bezig.
Nu de tijd aanbreekt om (financiële) keuzes te gaan maken voor de werkzaamheden binnen de zorg en de uitwerking van de nieuwe WMO, heeft de mantelzorg veelal geen prioriteit, want de werkenden binnen die tak van zorg hoeven geen salaris-aanpassing; ook de werktijden komen niet aan de orde, en er hoeven geen (massa-)ontslagen  geregeld te worden zoals bij de thuiszorg. Dat de mantelzorgers wel te maken krijgen met de gevolgen van die veranderingen in de thuiszorg is natuurlijk waar, en dan praten we nog niet eens over de zogenaamde 'mantelzorgboete' bij het samen gaan wonen van hulpvrager en de mantelzorger. Er zijn wethouders die denken te kunnen volstaan met alleen hun bezorgdheid daarover uit te spreken.  Dat zijn de (nieuwe) wethouders die nog niet weten wat mantelzorg echt betekent voor de werkers binnen die zorgafdeling, ook al hebben ze via hun politieke partij een paar 'strijdkreten' hierover aangeleverd gekregen.

Wat te doen?
Laten we eerst vaststellen dat zeker een kwart van de ± 400 gemeentes in ons land wél een prima mantelzorgbeleid uitvoert. Die verdienen een pluim.  Voor hen geldt onderstaande dus niet.

Mocht je twijfelen of je gemeente jou als mantelzorger (jong of oud / werkend, studerend of gepensioneerd) ziet zitten en zal gaan helpen wanneer je in de knel komt door je mantelzorgtaak, zoek dan nu al uit welke vorm van mantelzorgbeleid door de diverse raadsleden en as. collegedeelnemers in hun politieke verantwoording wordt/werd  genoemd. Daar kun je ze gerust op aanspreken als je twijfelt, want die mensen zijn ook namens jou in de raad gaan zitten.
Wanneer in jouw gemeente (nog steeds) een gebrek aan kennis bestaat omtrent de mantelzorg, en dat komt vaker voor dan je denkt, neem dan contact op met het plaatselijke/regionale  mantelzorgsteunpunt en vraag of ze de voorlichting over mantelzorg wil uitbreiden naar de eigen gemeenteraadsleden.  Mocht dat niet kunnen stuur dan een mail naar het Expertisecentrum Mantelzorg  / Movisie, of naar Mezzo met datzelfde verzoek.
De landelijke overheid is al lang overtuigd van de waarde van mantelzorg. Vanuit het Kabinet komen regelmatig richtlijnen naar de gemeentes hoe te handelen bij de hervormingen binnen de langdurige zorg v.w.b. de mantelzorg.  Nou moeten die gemeenteraden ook nog daadwerkelijk aan de gang met die (bezuinigende) richtlijnen. En dat kan pas echt als de mantelzorger zelf vertelt wat hij/zij verwacht van zijn eigen wethouder-zorg.
 Een stukje over mantelzorg in de regionale huis-aan-huisbladen kan ook heel nuttig zijn.
Maar blijf op je hoede, want bij de nieuwe WMO-onderhandelingen zal de mantelzorg pas als laatste op de agenda worden geplaatst. Kom je in de problemen, neem dan contact op met o.a. Mezzo, het mantelzorgsteunpunt en/of een mantelzorgmakelaar.