Nog nooit werd er zo vaak het woord 'mantelzorg' genoemd in de media als de laatste maanden. Er ontstond zelfs een heel nieuw woord: "mantelzorgboete". Volgend jaar eens kijken of het in de 'Dikke Van Dale' is opgenomen.

Op zich natuurlijk prima dat mantelzorg bekendheid krijgt. En ook, dat er rekening gehouden wordt met het wel en wee van de mantelzorgers.
Vanaf ± 1995 t/m ± 2010 hebben voorlichters van LOT later Mezzo, mantelzorgcontactpunten, zorgorganisaties en vrouwenverenigingen hun uiterste best gedaan om de nieuwe benaming en de kwaliteiten maar ook de problemen van de al eeuwen bestaande 'thuisverzorging door familieleden van chronisch zieke, ouderen met zorgbehoefte en gehandicapte gezins- en/of familieleden' bekendheid te geven. De zorg voor de partner, het kind en de ouder, die als een warme mantel om de schouders van de zorgvrager werd gelegd door de mantelzorger. De zorg die vanuit liefde en/of verantwoordelijkheid voor de zieke werd en wordt gegeven. De zorg die voortaan "mantelzorg" zou heten.

Waarschijnlijk mede dankzij die intensieve voorlichting over en voor de mantelzorgers, werd ook duidelijk hoeveel waarde mantelzorg heeft. Niet alleen op gevoelsgebied, maar ook financieel. De landelijke en lagere overheden gingen vanaf ± 2011 de miljardenbesparingen door mantelzorg mee-berekenen in het kostenplaatje van "De Zorg". En vanaf ± 2013 werden de mantelzorgers al geacht deel te nemen binnen de personele bezetting  van een aantal zorginstellingen.
Naast die (kille) economische benadering van de mantelzorgers kregen zij gelukkig ook steeds meer positieve, persoonlijke aandacht. Lotgenotencontacten, voorlichting en belangenbehartiging werden geboden en gewaardeerd. Naast Mezzo gingen ook Movisie, Vilans - (het Expertisecentrum Mantelzorg) zich verdienstelijk maken met voorlichting aan en over de mantelzorgers. Mantelzorgconsulenten en -makelaars kwamen de zorgverleners bijstaan. Er ontstond een compleet nieuwe tak van grotendeels gesubsidieerde professionals.

Gecombineerd met de 'sores' bij 'De Zorg" binnen de verzorgingshuizen en de thuiszorg zijn het vooral de mantelzorgers bij ouderen die nu in de media veelvuldig in beeld komen. En dat vind ik wel een beetje jammer. Want er zijn nog zo ontzettend veel andere vormen van mantelzorg. En die worden nauwelijks genoemd.
Denk maar eens aan al die ouders die de levenslange zorg hebben voor een enkelvoudig of meervoudig gehandicapt kind; denk eens aan al die kinderen wiens leven beheerst wordt door (de zorg voor-) een ouder met een handicap of verslaving; of die kinderen die meehelpen bij de zorg voor een broertje of zusje. Zij hebben de "ere-naam Brusjes" gekregen.
Ondanks alle voorlichting over mantelzorg, zijn er ook nu nog steeds heel veel mantelzorgers die niet weten of beseffen dat zij mantelzorger zijn. En iedere week, iedere dag, komen daar nieuwe bij. Want nog altijd geldt dat de mantelzorger gewoon gaat zorgen, zodra zijn/haar gezins- of familielid getroffen wordt. Geen van tweeën heeft daarom gevraagd.

En al die mantelzorgers, licht of zwaar belast door hun extra taak, gaan nu gerekend worden tot eventuele 'cliënten' van de gemeentelijk beheerde WMO. Veel van de ruim 400 gemeenten zijn daar al druk mee bezig. Veel ook komen steeds meer in de startblokken. Maar ook een groot aantal blijkt helemaal niet of alleen met mooie woorden klaar te zijn, als in 2015 een beroep op hen zal worden gedaan. Niet alleen door zorgvragenden, maar ook door de mantelzorgers die vaak door nieuwe maatschappelijke veranderingen of eisen fysiek, psychisch of financieel in de problemen komen bij hun dubbele taak.
Mocht je dus als mantelzorger of als bekende van een mantelzorger, ook die niet in de ouderenzorg bezig zijn, merken dat de gemeente onvoldoende zorg biedt of kan bieden, wend je dan zo snel mogelijk tot Vilans of Movisie of Mezzo, want die hebben de mogelijkheden om zowel de mantelzorger te ondersteunen als de gemeente bij de les te halen.

Sterkte gewenst en weet, dat je als mantelzorger een kanjer bent.

Wim Klein (DCMN)